Archief

Posts Tagged ‘onbedwelmd slachten’

Tekst van een motie tegen het verbod op onbedwelmd ritueel slachten

5 juni 2011 3 reacties

Motie tegen het verbod op onbedwelmd ritueel slachten, voor leden van de afdelingen die samen de Federatie Amsterdam vormen. Op 16 juni is de algemene ledenvergadering. Het zou mooi zijn als we hem daar konden indienen, maar ik weet nog niet hoeveel handtekeningen ik nodig heb. Het is ook de bedoeling om de vertegenwoordigers van de afdelingen naar de partijraad aan te sporen om daar hun stem te laten horen. Alle kritische opmerkingen en aanvullingen zijn welkom.

De Federatie Amsterdam van GroenLinks, bijeen op 16 juni 2011,

-overwegende dat de Partij voor de Dieren een wetsvoorstel heeft ingediend om de Dierenwelzijnswet te wijzigen en de vrijstelling voor de Israëlitische en islamitische slachters op het gebod van verdoving van slachtdieren voorafgaand aan de slacht, uit de wet te schrappen,

-overwegende dat de Tweede Kamerfractie van GroenLinks in de eerste termijn van de behandeling van dit wetsvoorstel haar bereidheid heeft laten blijken om het wetsvoorstel te steunen,

-overwegende dat de Tweede Kamerfractie in deze handelt overeenkomstig met eerdere verkiezingsprogramma’s, zij het niet het verkiezingsprogramma van 2010,

-overwegende dat GroenLinks bij uitstek een partij is die dierenwelzijn en dierenrechten propageert en initiatieven op dit punt steunt,

-overwegende dat de GroenLinkse betrokkenheid bij het wetsvoorstel van de Partij voor de Dieren in een GroenLinkse traditie staat,

-overwegende dat de keuze in eerste termijn van de fractie werd ingegeven door overwegingen van dierenwelzijn, en niet door andersoortige politieke en ideologische overwegingen,

-tevens overwegende dat het onbedwelmd ritueel slachten van 1993 tot 2009 in de gehele Europese Unie was toegestaan aan joden en moslims,

-tevens overwegende dat het nog steeds is toegestaan, maar in Europees verband sinds 2009 is veranderd in een communautaire kwestie (waar de lidstaten afzonderlijk over kunnen beslissen),

-tevens overwegende dat een discussie over het GroenLinkse standpunt over het onbedwelmd ritueel slachten vanwege de Europese juridische situatie jarenlang geen dringend politiek belang diende,

-tevens overwegende dat in Nederland een meerderheid voor het GroenLinkse en PvdD-standpunt over dit onderwerp niet realistisch leek,

-overwegende dat de onbedwelmd rituele slacht slechts een uiterst miniem deel vertegenwoordigt van de gehele slacht, en dat de slacht slechts een miniem deel vertegenwoordigt van de gehele vleesproductieketen,

-overwegende dat een veel grotere winst op het gebied van dierenwelzijn op andere plekken en momenten in de vleesproductieketen kan worden behaald, maar dat hiervoor de politieke wil in Nederland onbreekt,

-tevens overwegende dat GroenLinks als vrijzinnige seculiere partij de burger-, grond- en mensenrechten van alle Nederlanders steunt, beschermt, verbreedt en propageert,

-overwegende dat een verbod op onbedwelmd ritueel slachten een ferme inbreuk betekent op de levenswijze van traditioneel levende joden en moslims in Nederland,

-overwegende dat een Nederlands verbod de situatie voor de onbedwelmd geslachte dieren niet wijzigt, aangezien zij in het vervolg in het buitenland zullen worden geslacht in een omgeving tot waar de controle van de Nederlandse instanties zich niet uitstrekt,
-overwegende dat een verbod op onbedwelmd ritueel slachten in de hele EU het voor traditioneel levende joden en traditioneel levende moslims de facto onmogelijk zal maken nog langer in de EU te verblijven,
-overwegende dat GroenLinks geen voorstander is van gedwongen vertrek van bevolkingsgroepen uit de EU op basis van dwingende overheidsbemoeienis met hun religieuze of levensbeschouwelijke tradities,

-voorts overwegende dat in de gegeven situatie mbt het wetsvoorstel er geen consultatie is geweest van de Tweede Kamerfractie en de Partij met direct betrokkenen over de gevolgen van een verbod,

-voorts overwegende dat direct betrokkenen, vertegenwoordigd door het Contactorgaan Moslims en Overheid en het Nederlands Israëlietisch Kerkgenootschap, kenbaar hebben gemaakt aan de fractie dat zij open stonden en nog steeds staan voor consultatie en overleg,

-voorts overwegende dat de fractie geen behoefte heeft gevoeld in de afgelopen maanden om in te gaan op uitnodigingen van de direct betrokkenen,

-voorts overwegende dat er geen consultatie is geweest met GroenLinkse partijleden die als betrokkenen direct getroffen worden door het wetsvoorstel,

-voorts overwegende dat er geen consultatie is geweest met GroenLinkse partijleden die als deskundigen hadden kunnen spreken over juridische, ethische en godsdienstige aspecten van een verbod,

-voorts overwegende dat de politieke situatie in Nederland de afgelopen jaren steeds grimmiger is geworden, met name in de verhoudingen tussen een deel van het Nederlandse politieke bestel en de islamitische gemeenschappen,

-voorts overwegende dat een verbod de anti-islamagenda van sommige politieke groeperingen in de kaart speelt,

-voorts overwegende dat het niet op de weg van GroenLinks ligt om de anti-islamagenda van andere politieke groeperingen uit te voeren, te steunen of te propageren,
-en hiernaast overwegend dat de huidige enthousiaste steun aan het wetsvoorstel van de Partij voor de Dieren de relaties van GroenLinks en haar vertegenwoordigers in alle politieke en bestuurlijke gremia met traditioneel levende joden en tradtioneel levende moslims onder druk zet, de huidige contacten met hun officiële vertegenwoordigers – voor zover aanwezig – zal laten verdampen, de relaties van de partij met moslims en joden in het buitenland ernstig ondermijnt, en pogingen van de partij om een opbouwende, positieve rol te spelen in vredesprocessen en post-conflictsituaties in het Midden-Oosten en Centraal-Azië diepgaand en langdurig gaat frustreren,*
-met klem vaststellend dat er geen tegenstelling zou moeten en hoeven bestaan tussen de partijleden die dierenrechten en dierenwelzijn willen bevorderen, en in dit specifieke geval een eind willen zien aan de onbedwelmde slacht, en partijleden die dierenrechten en dierenwelzijn willen bevorderen, maar in dit geval uiteindelijk een andere afweging maken,
-met klem vaststellend dat dierenwelzijn een van de steunpilaren is van het GroenLinkse gedachtengoed, en dat een keuze voor het voortbestaan van het onbedwelmde ritueel slachten niet betekent dat de dierenwelzijnskwestie van secundair belang is, of dat voor de partij zou moeten zijn,
verzoekt de fractieleden van de Tweede Kamer hun eerder genomen besluit inzake het uit de wet schrappen van de vrijstelling voor joden en moslims van het gebod op verdoving van slachtdieren, te herzien,
verzoekt de vertegenwoordigers van de afdelingen naar de Partijraad deze boodschap over te brengen naar de Partijraad,
verzoekt het Federatiebestuur deze boodschap over de brengen naar het landelijk bestuur van GroenLinks,
en gaat over tot de orde van de dag.
Toelichting: er is in de discussies op fora en anderszins een scherpe tweedeling te vinden tussen partijleden die stellen dat dierenwelzijn moet prevaleren, en partijleden die stellen dat de belangen van de mensen, in dit geval de joden en de moslims, moeten prevaleren. Hiermee wordt een valse tegenstelling geschapen tussen joodse en islamitische consumenten van ritueel geslacht vlees enerzijds, en anderzijds de liefhebbers van dieren die zich inzetten voor een verbetering van alle aspecten van de vleesindustrie. Die tegenstelling bestaat niet, het gaat om een andere afweging van informatie en belangen.
Inmiddels is duidelijk geworden dat de traditioneel levende joden en moslims niet zullen kiezen voor verdoofd vlees. Als secularisatieproject is het wetsvoorstel nu al mislukt. Een aantal partijgenoten geeft de indruk het wetsvoorstel vooral als een kans te zien om de vleesconsumptie te verminderen. Het is nogal bevreemdend te lezen dat traditioneel levende joden en moslims in het vervolg maar vegetarisch moeten eten. Op zich niet onsympathiek, maar zou dan dat ook niet voor anderen gelden? Voor Henk en Ingrid, de gedroomde ideale Nederlanders? Een andere bevreemdende redenering luidde dat GroenLinks zich niet zou hoeven inzetten voor de rechten van orthodoxe joden en moslims, aangezien zij toch geen partijleden zijn en de waarden van GroenLinks niet delen.
GroenLinks heeft een zeker aantal joodse en islamitische leden, die zich ieder op hun eigen wijze verhouden tot dit vraagstuk. Zij delen als leden de waarden van GroenLinks. Ook in de officiële organisaties is dierenwelzijn geen vies woord. Enkele weken geleden hebben de vertegenwoordigers van islamitische en joodse organisaties zich tot GroenLinks gewend met een voorstel om samen om de tafel te gaan zitten om te praten over technische wijzigingen in het slachtproces. De Joodse Gemeente Amsterdam, verantwoordelijk voor de kosjere slacht, wil graag dat de hele keten van ei tot slachtkip en van kalfje tot koe volledig biologisch wordt. Ook in de halalwereld in Nederland is de discussie losgebroken over de welzijnswinst die te behalen is door beter opgeleide slachters en meer controle. Men wil naar het niveau van welzijn van de kosjere slacht, zei de voorzitter van het CMO tijdens een bijeenkomst op 24 mei op het partijkantoor. Men kan dit afdoen als gratuite praatjes voor de vaak, maar waarom zouden hedendaagse westerse noties van dierenwelzijn niet ook doordringen in de moslimgemeenschap? De fractie heeft zich tot dusver echter doof gehouden voor deze ontwikkelingen. Deze motie is een laatste poging om hier verandering in te brengen.
In de algemene discussie buiten de partij is inmiddels aan beide kanten veel gezegd dat beter ongezegd had kunnen blijven. Met name binnen GroenLinks is de keuze voor het wetsvoorstel van de PvdD bij uitstek ingegeven door dierenwelzijnsoverwegingen, en niet door antisemitisme of moslimhaat. Er is ook bij de tegenstanders van het huidige fractiestandpunt waardering voor het werk van de partij inzake dierenwelzijn; slechts in het specifieke onderhavige geval zou men graag zien dat de fractie anders koos dan de eerder ingeslagen weg.

*Toelichting: Dit maakt het voor de Israëlische zusterpartij van GL niet eenvoudiger op om aandacht te vragen voor hun groene agenda, of voor de Groene partijen in wording in de islamitische wereld. Dit verbod is koren op de molen van iedereen die stelt dat de westerse landen hypocriet zijn in hun aandacht voor mensenrechten. Dat de zogenaamde propageerders de mond vol hebben van mensenrechten en good governance, maar dat zij er niet voor terugdeinzen om diezelfde mensenrechten van joden en moslims af te pakken, meer specifiek nog: na 375 jaar kosjere slacht. Op basis van zogenaamde dierenwelzijnsargumenten, in werkelijkheid uit haat, zal men zeggen.

Temple Grandin in de Forward

29 april 2011 1 reactie

Temple Grandin tijdens de premiere van de film over haar leven

Hier is dé onbedwelmd slachten expert aan het woord in de Forward uit New York, het weekblad van de grootste joodse gemeenschap ter wereld: een link hier.

Deze realistische en helder geformuleerde punten moeten toch een compromis kunnen opleveren…

(Met dank aan Robbert B. voor de posting op Facebook.)

Een avondje bij de PvdA

Update: in de eerdere versie van dit artikel, dat ik na thuiskomst schreef, stonden geen links. En ik heb ook een aantal namen toegevoegd.

Gisteravond bezocht ik de bijeenkomst die de PvdA-Amsterdam had belegd over het wetsvoorstel van de Partij voor de Dieren inzake het onverdoofd slachten. Het was in vele opzichten een verhelderende avond. In de aula van de Christelijke Scholengemeenschap Buitenveldert was everybody who is anybody die ik de afgelopen maanden en weken over dit onderwerp heb gehoord of gelezen, wel aanwezig. Er waren twee vertegenwoordigers van de Partij voor de Dieren, onder wie Johnas van Lammeren, de PvdD-man in de Amsterdamse Gemeenteraad. Johnas schrijf je zo, volgens de website van de PvdD.

De belangrijkste aanwezigen waren twee vertegenwoordigers van de PvdA in de Tweede Kamer. Verder spraken o.a. Ronny Naftaniel, rabbijn Evers, rabbijn Van de Kamp, vertegenwoordigers van de Unie van Marokkaanse Moskeeën en de Halal Correct Certification (meen ik), en de voorzitter van de gemeenteraadsfractie van de PvdA. Inmiddels is er in Trouw en in Het Parool over deze avond geschreven, in Het Parool vooral over de Amsterdamse politieke dimensie.

De belangrijkste conclusie was, al met al, geformuleerd door Arnold Heertje, PvdA-lid van statuur. Het politieke debat ging wat hem betreft niet over dierenwelzijn, maar om de politieke afweging tussen de pijn van de dieren en de pijn van de mensen die last hebben van het verbod. Zo ver durfden de politici echter niet te gaan. Die bleven liever in hun comfort zone: dierenwelzijn als politiek agendapunt.

Het laatste beeld op mijn netvlies was dat van de twee PvdA-Kamerklonen, die voor de zaal stonden. Allebei zo’n beetje in de dertig, allebei in zo’n zeer smal gesneden donker pak, dat eruit ziet alsof het twee maten te klein is gekocht, met een wit, verkreukeld overhemd eronder. De Booij en Van Bruggen-look. Tjeerd van Dekken en Martijn van Dam stonden een beetje verveeld naar ons te kijken. Van Dekken is de woordvoerder dierenwelzijn, Van Dam doet nu religie. Hij heeft het woordvoerderschap overgenomen van Van Dekken, want die is als onervaren parlementslid niet in staat gebleken dit dossier goed te managen.

Fassbinder-affaire

Op weg naar huis nam ik een andere route. Buitenveldert is een fijn stadsdeel, maar een beetje te stil en afgelegen om uitgebreid doorheen te fietsen, om elf uur ’s avonds. Dus ik nam een langere, maar wel veilige weg door de Beethovenbuurt en De Pijp. Het leek me enigszins symbolisch, om een langere route te nemen die verstandiger is. Dat zou de PvdA ook moeten doen, en daar werd door diverse sprekers ook voor gepleit. Alle joden die aan het woord kwamen, Ronnie Eisenmann voorop, wezen erop dat er over alles te praten is. Eisenmann is als bestuursvoorzitter van de Joodse Gemeente Amsterdam de werkgever van de kosjere slachter die elke week slacht. Hij vertelde dat er voortdurend aanpassingen worden gedaan aan het materiaal en dergelijke. Ik kreeg de indruk dat er met hem absoluut te onderhandelen is.

Van Dam en Van Dekken wilden echter niet onderhandelen. Ze legden in elk geval niets concreets op tafel. Bijvoorbeeld dat zij de stemming in de Tweede Kamer, begin juni, zouden laten uitstellen. Of dat zij terug zouden keren naar hun fractie met het verzoek om de discussie te heropenen. Het bleef bij een vage toezegging dat men in gesprek zou blijven met organisaties van joden en moslims. Maar eerder op de avond had men al gezegd dat de gehele fractie, dertig personen dus, zich achter het fractiestandpunt had geschaard. Het klonk niet alsof het enige zin had om de zaak in de fractie nog eens te bespreken.

Onderweg naar huis moest ik denken aan de Fassbinder-affaire. Die speelde zich af  in de winter van 1987-1988, dus ruim 23 jaar geleden inmiddels. Daarvan herinner ik me dat in elk geval bij mij de vlam in de pan sloeg, toen ik in een interview met een van de betrokkenen bij die voorstelling, de volgende opmerking las:  ‘Joden hebben nu eenmaal geen verstand van theater’. Wie dat geweest is, heb ik verdrongen. Die uitspraak was voor mij toen de druppel. De arrogantie van de betweter. En die vanuit zijn positie zich niets hoeft aan te trekken van de argumenten van zijn tegenstander, want die tegenstander heeft toch geen verstand van het onderwerp. In zijn hoedanigheid als jood.

En joden hebben, 23 jaar later, misschien inmiddels wel een beetje verstand van theater gekregen, maar tegenwoordig hebben zij geen verstand van dierenwelzijn. Of preciezer gezegd: de joodse interpretatie van dierenwelzijn zoals die tot uitdrukking komt in de praktijk van de sjechieta, (en mutatis mutandis ook de islamitische interpretatie zoals die in de halal slacht wordt gehanteerd), is niet het ware dierenwelzijn. Er is een ànder dierenwelzijn dat hier tegenover kan worden gesteld. Het dierenwelzijn zoals dat door de Partij voor de Dieren en de Partij van de Arbeid wordt geïnterpreteerd.

Martijn van Dam schetste het beeld van een fractie die drie keer had vergaderd over dit wetsvoorstel, en die twee grootheden tegen elkaar had afgewogen; dierenwelzijn en de vrijheid van godsdienst. Die vrijheid van godsdienst was weliswaar een groot goed, maar kon niet onbeperkt zijn. Uiteindelijk was de keuze in het voordeel van het dierenwelzijn uitgevallen.

Als ik iets heb geprobeerd op dit blog de afgelopen maanden, is het wel uit te leggen dat het een valse tegenstelling is om dierenwelzijn tegenover onbedwelmd slachten te stellen. De tegenstellingen staan heel anders gegroepeerd. En misschien is het ook wel niet een kwestie van het ene wetenschappelijke inzicht tegenover het andere, maar is het inderdaad een keuze tussen wat je belangrijker vindt, de pijn van de dieren of de pijn van de mensen?

Intrinsieke waarde

De vraag is: wat moeten en kunnen wij nog met de PvdA en de andere politici in Den Haag? Die kennelijk al hun standpunt hebben bepaald. Bij de Partij voor de Dieren is er geen enkele ruimte om op te schuiven in de richting van joden en moslims. Men is bezig met dierenwelzijn, en alle andere zaken zijn secundair.

Maar bij de Partij van de Arbeid is er iets anders aan de hand. Daar is men heel goed in staat een andere afweging te maken. Dat de bijeenkomst überhaupt werd belegd, heeft te maken met de positie van de Amsterdamse Partij van de Arbeid. Die heeft zich in meerderheid tegen de Tweede Kamerfractie gekeerd. Er was een hysterische mevrouw, die ook in Gemeenteraad bleek te zitten, (Myriam Bindervoet> die het juist weer heel erg niet met de rest van de Tweede Kamerfractie eens was. Na afloop stond ik even bij de deur, toen ze langs liep, ‘Ik moet naar mijn dieren!’ gillend.

Maar de Tweede Kamerfractie hoeft zich niets aan te trekken van wat de Amsterdamse Raadsleden ergens van vinden. Of wat joodse en islamitische partijleden denken. Of wat vertegenwoordigers van joodse en islamitische organisaties, met verstand van zaken, over deze kwestie beweren. De fractie kan doen wat ze wil, en of de benadeelde partij nu hoog of laag springt: het doet er niet toe.

Voor de meerderheid van de Nederlandse parlementariërs heeft het joodse standpunt, of het islamitische standpunt, geen intrinsieke waarde. Joden en moslims verdienen geen bescherming in hun anders zijn, op die punten waarop zij uit de pas lopen bij de grote meerderheid van de Nederlanders. Ze verdienen het misschien nog wel om te worden gehoord, en men wil best een avondje vrij maken voor een gesprek, maar het feit dat zij een minderheid zijn en dus afhankelijk zijn van de bescherming door in elk geval een deel van de meerderheid, speelt in de besluitvorming geen rol.

Dit heeft verregaande consequenties voor de joden en moslims in Nederland. Voor de moslims geldt dat zij zeven procent van de Nederlandse bevolking uitmaken. Stel dat iedereen in de moslimgemeenschap op een gegeven moment de Nederlandse nationaliteit heeft. Dan kun je op sommige punten een zeker gezag ontlenen aan je demografische vertegenwoordiging. Zeven procent van alle stemmen is toch zeven procent van alle stemmen. Uiteindelijk is het echter sléchts zeven procent. Voor de joden geldt dat zij met 0,2 procent van de Nederlandse bevolking geen enkel potje kunnen breken. Slechts toen Buitenveldert nog een onafhankelijk stadsdeel was, had het joodse volksdeel daar wellicht enige electorale betekenis. Maar nu?

Ik ben in GroenLinks ook maar één joodse mevrouw uit Amsterdam-Oost. Nu wonen er in Amsterdam-Oost toevallig een aantal andere joodse GroenLinksers, maar om nu te zeggen dat wij demografisch enig gewicht in de schaal leggen… nee. Bovendien weet ik niet hoe deze partijgenoten denken over dit onderwerp. Waarom zou GroenLinks de oren laten hangen naar dat ene partijlid die ’s nachts langs het Oosterpark naar de Indische Buurt fietst, en die vindt dat het onverdoofde kosjer slachten moet blijven bestaan, evenals het halal slachten? Zelfs al zou ik alle mensen die ik ken kunnen overhalen om volgende keer op GroenLinks te stemmen, dan nog zijn we met z’n allen met te weinig om een verschil te maken.

De politicus moet uit eigener beweging besluiten dat mijn rechten belangrijk zijn, want ik kan hem of haar er electoraal nooit voor belonen. Ik sta met de pet in de hand bij de partij, en vraag of de fractie mijn minderheidsbelang wil behartigen. En dat van al die andere mensen die dit onderwerp persoonlijk aangaat. Maar indien de fractie anders beslist, is het helaas pindakaas. Er overvalt je een acute ontreddering, als je dat ’s nachts door de stad fietsend zo ’s bedenkt.

Van de getallen moeten we het niet hebben. We zullen het op basis van onze argumenten moeten winnen, dan wel op basis van de abstractie ‘rechten van minderheden’.

Hier wringt de schoen. Zolang je als partij geen onomwonden principestandpunt hebt over de bescherming van de rechten van minderheden, komen die minderheden vroeger of later klem te zitten tussen conflicterende belangen. Zoals nu dus het geval is.

Zodat we terug komen bij de argumenten, en op het belang van de ‘tegenpartij’, de slachtdieren. Professor Martijn Katan was gevraagd om een korte inleiding te houden over de wetenschappelijke kant van de zaak. Hij rekende ons snel voor dat uit de onderzoeken blijkt dat de meeste grote slachtdieren gemiddeld binnen twintig seconden buiten bewustzijn zijn. Voor de kleinere slachtdieren is het een periode tussen de 2 en de 10 seconden. Er is echter een minderheid van onbedwelmd geslachte dieren die er een minuut over doet om het bewustzijn te verliezen.

De dieren die eerst worden verdoofd, zijn er in zoverre beter aan toe, dat ze onmiddellijk het bewustzijn verliezen en een toestand van hersendood/coma bereiken, alvorens te worden geslacht. Voor tien procent van die dieren geldt echter dat het geven van de verdovende electroschok of de hersenpin niet altijd goed gaat. Dat brengt lijden met zich mee, want de half of niet-verdoofde dieren gaan letterlijk de molen in.

De vraag is dus: ga je er mee akkoord dat tien procent van de dieren die onverdoofd worden geslacht pijn lijdt, of ga je ermee akkoord dat tien procent van de dieren die verdoofd worden geslacht, pijn lijdt? En ga je op basis hiervan afdwingen dat de ene methode wordt vervangen door de andere? Ik vind dit grotesk.

Anti-buitenlanderdenken

Ik denk dat ik snap waar we nu zitten, in deze discussie.  De twee Kamerleden gaven niet de indruk toe te zullen geven aan ons, de joden en moslims. Waarom zouden ze? Ze zitten in het meerderheidsdiscours, en dat stelt dat dierenwelzijn topprioriteit heeft. Dierenwelzijn is de nieuwe uiting van verantwoord Nederlanderschap.

Ten diepste is dit een uitkomst van het anti-buitenlanderdenken van de afgelopen vijftien jaar. Sinds het midden van de jaren negentig is er op allerlei niveaus een onderscheid gecreëerd tussen autochtonen en allochtonen. Tussen buitenlanders en Nederlanders, tussen insiders en outsiders. Tussen de ‘minseh in de oude wijkeh’, en de nieuwkomers. We eren en vieren de Nederlanders en ons Nederlanderschap, op allerlei manieren. Of er nu op de televisie iemand vertelt dat melk van een bepaald merk van Nederlandse koeien afkomstig is, en daarom dus beter, of op een andere wijze: Nederland is top.

Wanneer je als volk voortdurend zoekt naar datgene wat je bindt, en je gemeenschappelijk verleden, je gemeenschappelijke eigenaardigheden en culturele verworvenheden, heeft dat in het begin iets gezelligs. Je kunt dit verklaren door een besef dat Nederland weer eens toe was aan een rondje groepsvorming. We waren elkaar kwijtgeraakt in de globalisering bla bla, en moesten weer even de gemeenschappelijke basis onder ons Nederlanderschap terugvinden.

Dit is dan even leuk. Maar het moet op een bepaald moment ook weer ophouden, want anders krijg je een benauwd gevoel, en is er voor anderen, bijvoorbeeld nieuwelingen die zich bij de groep willen aansluiten, geen opening. Op een bepaald moment moet er iemand zeggen: en nu is het sfeerbevorderende de-bal-overgooien weer voorbij. Maar als je jezelf in je zucht naar authentieke Nederlandsigheid maar blijft opjagen, krijg je vroeger of later dat de mechanismen om dit te corrigeren, wegslijten.

Het geniale van de Partij voor de Dieren is dat ze het dierenwelzijn van de onbedwelmd geslachte dieren hebben weten te verbinden aan het Nederlanderschap. Ben je een echte Nederlander, en heb je de mores van een echte Nederlander, dan ben je natuurlijk voor dat dierenwelzijn. De tegenstanders, de dierenbeulen die het bloed in het rond laten spatten, zijn namelijk de je-weet-wels.  Degenen die – zo hebben we ons de afgelopen jaren aangepraat – onmogelijk echte Nederlanders kunnen zijn. Dus kan wat zij doen, aan sinistere ‘rituelen’ in de beslotenheid van het abbatoir, onmogelijk een uiting inhouden van waarlijk Nederlands-zijn. Joden die dachten dat zij als Nederlanders met een eeuwenlange stamboom op Nederlandse bodem een andere positie zouden kunnen innemen dan moslims, komen nu tot het inzicht dat het de gemiddelde reaguurder op de webpagina’s van de kranten geen donder uitmaakt of je een jood of een moslim bent. Aanpassen aan wat de democratische meerderheid wil, of opsodemieteren, is het devies. Lees voor verhelderende standpunten hierover de reacties onder het opiniestuk van rabbijn Tamarah Benima in de Volkskrant van 28 april.

Ooit, en dat is helemaal niet zo lang geleden, behoorde het tot de Nederlandse identiteit om enorm veel ruimte te geven aan joden en andere religieuze minderheden. Dat is nu voorbij. De dieren zijn de nieuwe joden. Maar ook weer niet allemaal, want we moeten de kreeft en de coquilles nog levend kunnen blijven koken, of zoiets.

Onbedwelmd XVII: JMNA – Open Brief aan Partijleider Cohen

Ik had de tekst van deze open brief al een paar dagen, maar ik wilde de eventuele pogingen van het JMNA niet versjteren om hiervoor een plekje in een landelijke krant te vinden. Dat is tot zover niet gelukt, en ik zag dat de brief inmiddels ook op de website van het NIK staat.

Dus ik kan nu gewoon een link plaatsen, naar de webpagina van het NIK. Hier dus.  Hij is afkomstig van het Joods Marokkaans Netwerk Amsterdam, en in de brief wordt helder en duidelijk verwoord wat er niet deugt aan de steun van de PvdA aan het wetsvoorstel van de PvdDieren.

Een snel hallo

Ik was de afgelopen tijd erg druk met zaken die nu of in de toekomst geld moeten opbrengen voor de huishoudpot hier in huize Meijervreugde. Daardoor is het bloggen een beetje in het ongerede geraakt. Ik heb echter niet de indruk dat liefhebbers van artikelen over onbedwelmd slachten op een droogje hebben gezeten, de afgelopen dagen en weken.
Everybody who is anybody vindt er inmiddels iets van, en heeft er een standpunt over gepubliceerd. Ik heb geprobeerd alles te volgen, en hoewel dit natuurlijk niet is gelukt, valt ‘t me op dat het debat gaandeweg van toon is veranderd. Er is meer aandacht voor het verhaal van de tegenstanders van bedwelming.

Ik heb weinig echt antisemitische shit gelezen, en sommige commentatoren hebben de moeite genomen zich inhoudelijk in de kwestie te verdiepen.
Ik heb al eerder geschreven dat dit onderwerp met name als technische, zakelijke kwestie moet worden beschouwd, op basis van technische argumenten. Mijn amateur-conclusie, ik heb het al vaker gezegd, is dat ik als dier dan liever onbedwelmd geslacht zou worden door een mens, dan bedwelmd door een machinaal proces, omdat er zoveel mis kan gaan, juist met die bedwelming. Op het technische, daar focust men in sommige gevallen inderdaad op, en ik zag een columnist als Pieter Hilhorst daar ook mee worstelen, maar vaak ook gaat het om de randverschijnselen van dit debat. Vraag: draait alles in Nederland sinds 1568 dan altijd alleen maar om godsdienstvrijheid? Is dit het enige denkmodel waarmee we morele of ethische kwesties kunnen benaderen? En kan dus, nu de meerderheid van de Nederlanders is geseculariseerd, de godsdienstvrijheid met de consequenties die we hieraan hebben verbonden, ook verdwijnen?

Wat nu? Morgen ga ik naar de bijeenkomst van de PvdA in Buitenveldert. Of, liever gezegd, ik heb me braaf aangemeld, maar verder niets meer gehoord. En eind mei organiseert GroenLinks ook een debatbijeenkomst, in Utrecht. Hierover later meer.

Ten slotte wilde ik vier artikelen aanbevelen, omdat ze als voorbeeld kunnen dienen voor verschillende aspecten van de onbedwelmd slachten-discussie. Ik de Volkskrant stond een goed stuk van theoloog Coen Wessel, link hier. Hij probeert iets te verduidelijken van de religieuze aspecten van het slachten, binnen een kader van verhevigd bewustzijn van sterfelijkheid. Dit is een goed voorbeeld van iemand die het onderwerp als een religieuze kwestie benadert.
In diezelfde Volkskrant kon Nico Koffeman van de Partij voor de Dieren gisteren alle critici van het wetsvoorstel van repliek dienen. Hier.  De Partij voor de Dieren-folks zijn klaarblijkelijk een beetje in paniek geraakt door het protest dat nu op gang gekomen is.  Hier is meer over te zeggen, maar ik zou zeggen: oordeel zelf.

Ook interessant was het stuk van Mohammed Benzakour op de website NieuwWij.Het gaat behalve over slachten ook over poep. Ik ga het niet navertellen, lees en oordeel zelf.

En tenslotte een stukje van de site van NRC-Handelsblad van vandaag, over het koken van octopus. De thuiskok beklaagt zich. Hier. In dit laatste stukje zie ik het enige goede dat de hele discussie van de afgelopen maanden en weken ons misschien gaat brengen: een groter bewustzijn van de pijn die dieren kunnen voelen, wanneer ze worden gedood om te worden opgegeten. Alhoewel de thuiskok dit dus gezeur vindt.

Onbedwelmd slachten XI: behandeling in de Kamer twee weken vooruit geschoven

21 maart 2011 1 reactie

Dit plukte ik zojuist van de website van de Tweede Kamer, bij de plenaire vergaderingen: – 31 571 (Initiatief-Thieme; wijziging van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren in verband met het invoeren van een verplichte voorafgaande bedwelming bij ritueel slachten) (voortzetting) . Het debat is verplaatst naar de week van 5, 6 en 7 april. Een paar weken geleden stond het in de Kameragenda aangekondigd voor deze week, maar het is dus naar achteren geschoven.

Dat is mooi, want misschien kan ik dan ergens een stukkie plaatsen over dit onderwerp.  Tot nu toe sneakt het namelijk volledig langs de blinde vlek van de publieke opinie. Ik zou het beter te verteren vinden dat een grote meerderheid van de Nederlandse bevolking meent dat het maar eens uit moet zijn met die kosjere en halal slacht,  wanneer er eerst over is gedebatteerd.  Door diezelfde Nederlandse bevolking.  Maar dat debat wordt dus niet gevoerd.

 

 

Onbedwelmd slachten X: factsheet van het NIK (Update)

12 maart 2011 2 reacties

Het Nederlands Israëlitisch Kerkgenootschap heeft een factsheet gepubliceerd over de onbedwelmde slacht.  Zie de link hier.

Het is nu tien voor elf  ‘s avonds, zaterdag de 12de. Hij werd zaterdagavond na het einde van de sjabbat online gezet, en ik vond hem via een twitter van Robbert Baruch. Morgen mijn analyse.

Ballpark:  men maakt gehakt van het belangrijkste onderzoek waar de PvdD zich op baseert. En men maakt gehakt van sommige tendentieuze opmerkingen van de PvdD. Er wordt op een heel subtiele manier een verschil geschapen tussen de joodse manier, en de islamitische manier, zonder iets onvriendelijks te zeggen over wat moslims doen.  Ik moet het nog een keer lezen, maar mijn eerste indruk dat het NIK aan de goede kant van de lijn blijft op dit punt. ik was heel bang dat ze voluit op het PVV-Hammondorgel zouden gaan raggen over de verschillen, maar dat doet men dus niet.

Update zondagochtend.

Ik heb nog een keer de tekst gelezen.

Hij begint zwak, met een opmerking over de Partij voor de Dieren die aan dieren mensenrechten wil toekennen, wat dan zou betekenen dat mensen geen dieren meer zouden kunnen houden voor consumptie. Volgens mij ligt dit genuanceerder, maar ik heb me wel onmiddellijk voorgenomen om dit nader uit te zoeken. Er wringt hier iets tussen mensenrechten, dierenrechten en een antropocentrische en non-antropocentrische wijze van kijken naar de wereld. De auteur van de factsheet (het is niet ondertekend) legt de vinger op een zere plek, maar misschien niet op de op dit moment relevante plaats.

 

Dieronvriendelijker?

Vervolgens focust men op het meest relevante argument: is het onbedwelmd slachten dieronvriendelijker dan het bedwelmd slachten? De PvdD stelt dat dit zo is. Maar hoe bewijst de PvdD haar claim?

In de Memorie van Toelichting bij het wetswijzigingsvoorstel legt de PvdD uit hoe eea in elkaar zit, en op welke onderzoeken de partij zich baseert. Ik heb al eerder geschreven dat hier veel onderzoeken over bestaan, die ik zelf niet gelezen heb omdat ik geen dierenarts ben en niet zo veel begrijp van de medische resulaten. De resultaten van deze onderzoeken laten een gemengd beeld zien. De conclusies zijn niet eensluidend, wat de wetenschappers zelf toegeven. Dit punt laat de PvdD onvermeld, en het NIK geeft tegengas. Het is en blijft een beetje welles-nietes, maar de argumenten die het NIK geeft, zijn relevant. Je kunt er ook niet zomaar overheen stappen dat de PvdD teksten citeert uit een onderzoek, en die vervolgens verkeerd vertaald weergeeft, omdat het hen beter uitkomt in hun bewijsvoering.

 

Andere argumenten

De veterinair-medische aspecten nemen het leeuwendeel van de factsheet in beslag. In hoofdstuk 2 spelen er ook andere argumenten een rol: de feiten en fictie ten aanzien van de sjechieta. Hier probeert het NIK zich slinks onder de beeldvorming uit te werken dat de joodse wijze van slachten en de islamitische wijze van slachten hetzelfde zijn.

Aangezien het in beide gevallen om het insnijden van de keel van levende dieren gaat met een vlijmscherp mes, kun je daar weinig verschil suggeren. Dus gooit het NIK het over een andere boeg: de PvdD moet met haar kritiek op de gang van zaken in de slachthuizen echt niet bij de joden zijn, omdat joden allerlei dingen die de PvdD suggereert niet doen.

Ook wordt nog eens fijntjes erop gewezen dat het joodse aandeel in de onbedwelmde slacht minimaal is, minder dan marginaal. Een halve promille van de totale onbedwelmde slacht en een-honderdduizendste van de totale slacht. Met andere woorden: waar gaat dit over.

Dit kun je op twee manieren lezen. Ik vertrouw het NIK op dit punt totaal niet. Ik weet dat de ambtelijk Secretaris van het NIK twee jaar geleden heeft gelobbied bij de PVV en de SGP over de slacht. Ik vond het toen ongelofelijk smerig om op de anti-islamtrein te springen.

Dat doet men nu niet, het gaat veel subtieler. De eerste manier van lezen is dat het NIK hiermee zegt: u moet voor de misstanden niet bij ons, maar bij de moslims zijn. Het staat er echter niet. Je kunt het ook lezen als: als de PvdD niet eens de juiste informatie kan geven over de kosjere slacht die al 375 jaar bestaat en in één slachthuis in Nederland wordt uitgevoerd, hoe betrouwbaar is die andere info dan, over de andere slachthuizen? Hoeveel onbewezen verzinsels moeten wij nog debunken?

 

Burka van links

Mijn vraag is of het onbedwelmd slachten niet de ‘burka’ van links is, een symbolische maatregel die op een symbolische wijze iets van daadkracht en doorpakkerij moet laten zien.  Het blijft de vraag of het NIK met deze argumenten de linkse oppositie kan overtuigen van het nut om de onbedwelmde slacht te laten voortbestaan. Ik denk eerlijk gezegd dat het onderwerp veel te veel op de emotie wordt beoordeeld, en te weinig als een veterinair-technische kwestie.

Tot zover, want ik moet naar JCall.

 

 

 

 

 

 

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 491 andere volgers